3. We gaan ervan uit dat we nieuwe materialen nodig hebben om het ontwerp te realiseren.

Sinds het begin van de 20e eeuw is het Tabula Rasa denken dominant. Hierin is het uitgangspunt dat bij een ontwikkeling een locatie eerst vrijgemaakt moet worden van obstakels en invloeden om er een nieuw ideale omgeving te scheppen. Soms staan wensen of eisen sloop en nieuwbouw in de weg en wordt een bestaand gebouw of segmenten hiervan gerenoveerd.

Ook bij verhuur is de norm om bij elke wisseling van huurder het gebouw ‘bezemschoon’ op te leveren, dit leidt tot enorme verspilling en kapitaalvernietiging. De bouw gaat standaard uit van het toepassen nieuwe materialen door de opgebouwde industriële ketens die dit mogelijk maken vanwege de lage kostprijs van energie en de geëxternaliseerde kosten van vervuiling die optreedt bij mijnen of afval. Met de globalisering worden ook hele componenten in ‘lage lonen landen’ gefabriceerd, feitelijk is dit de nieuwe vorm van kolonialisme waarbij ook sociale kosten worden geëxternaliseerd. Sinds de jaren 70 worden vrijkomende grondstoffen bij sloop in toenemende mate gerecycled waardoor nieuwe producten daar steeds vaker uit bestaan. De toepassing van biobased materialen is vaak beperkt tot het bouwen met houten balken, stijlen en regels of gevelbekleding. Daarbij worden de meeste biobased materialen geïmporteerd waarbij de milieuschade door ontbossing wordt geëxternaliseerd. Vanwege de bouwsnelheid worden materialen zoveel mogelijk aan elkaar verlijmd. Hergebruik wordt soms op karakteristieke plekken toegepast, bijvoorbeeld om een historische sfeer te ondersteunen of als duurzame uitstraling.

In de omgekeerde wereld beginnen we niet met bouwen maar zoeken we naar mogelijkheden om de bestaande gebouwvoorraad beter te benutten. Bijvoorbeeld door het veranderen van processen, meervoudig ruimtegebruik en het compacter maken van functies. We hebben op dit moment meer m2 pp beschikbaar dan ooit tevoren en toch wordt er gesproken over woningtekort… Daar waar het gebouw optimaler gebruik in de weg zit kan deze aangepast worden. Daarbij zoveel mogelijk van het gebouw in stand houdend. De aanpassingen of nieuwe toevoegingen kunnen worden gerealiseerd met materiaal dat vrijkomt bij industrie of bij transformatie van andere gebouwen. Doordat deze losmaakbaar zijn aangebracht wordt het demonteren en opnieuw toepassen iedere generatie eenvoudiger. Dit zijn aanbod gedreven materialen die passend gemaakt worden op de vraag.

Wij gaan ervan uit dat als we het huidige aanbod afvalmaterialen goed kunnen lokaliseren er genoeg donormateriaal is voor de transformaties van gebouwen in de komende decennia, mits er tegelijkertijd wordt ingezet op aanplant van biologische bouw materialen kan tegen de tijd dat de huidige overschotten op zijn overgegaan worden op regeneratieve lokale biobased materialen als bron. Er blijft dan een minimale vraag over naar nieuw materiaal voor bijvoorbeeld verbindingsmiddelen en veilige elektrische infrastructuur en de installaties.